Vertrouwenscrisis media? Die is er gewoon niet

Dat is de conclusie van een wereldwijde studie door IPSOS. Hoe hard sommige politici de media ook beschuldigen ‘fake news’ te produceren, het lijkt het vertrouwen niet te schaden en in sommige gevallen zelfs te versterken. Het heeft geleid tot de perceptie van een vertrouwenscrisis bij grote groepen mensen, maar de waarheid is complexer en veel minder somber.

De 2018 Edelman Trust Barometer toont een sterk en stabiel vertrouwen in traditionele media doorheen de Europese Unie. Enkel het vertrouwen in sociale media en het internet vertoont tekenen van neergang. Een voorbeeld uit het Verenigd Koninkrijk is het vertrouwen in de BBC, dat op dit moment veel hoger is dan tien jaar geleden. En terwijl journalisten nooit bovenaan het lijstje stonden van vertrouwde beroepen, stijgt het vertrouwen in hen langzaam maar zeker.

Lees ook: Trends in fake news (of beter: digitale disinformatie)

Integriteit en verplichtingen nakomen

De IPSOS-studie onder 28.000 respondenten in 28 markten onderzocht twee pijlers van vertrouwen: enerzijds de perceptie van het karakter van mediumtypen (integriteit: zijn hun intenties goed?) en anderzijds hun competentie (kan je erop vertrouwen dat ze hun verplichtingen nakomen?). Volgens IPSOS levert het simpelweg vragen naar vertrouwen geen goede inzichten op.

Opleiding

Een belangrijke conclusie is dat opleiding een belangrijke factor is: mensen met een hoger opleidingsniveau zijn eerder geneigd alle media te vertrouwen. Mensen met een lager opleidingsniveau vertrouwen alle mediakanalen minder.

Graph Trust in media x education

Leeftijd

Jongeren (tot 35 jaar) blijken digitale platformen meer te vertrouwen dan de ouderen (50+). Die laatste groep zal televisie en radio eerder vertrouwen dan Millennials (dertigers van vandaag). Opvallend is dat het vertrouwen in print media, kranten en magazines, doorheen alle leeftijdsgroepen consistent is.

Markten

Wereldwijd hebben mensen het meeste vertrouwen in mensen die ze kennen, gevolgd door televisie en radio, kranten en magazines. De grootste verschillen blijken echter te bestaan tussen markten: in groeimarkten ligt het vertrouwen in media iets hoger en geven mensen aan dat dit de afgelopen jaren vaker is gestegen. Dat is omgekeerd in de gevestigde markten. Dit zelfverklaarde vertrouwen wordt overigens niet bevestigd door de metingen over tijd door de Eurobarometer: die toont geen daling in mediavertrouwen in Europa.

Schandalen beschadigen merken

IPSOS concludeert voorzichtig dat er wellicht iets anders aan de hand is. Het is voor mensen bijvoorbeeld steeds lastiger om de bron van informatie te beoordelen op integriteit en competentie, alleen al door het overweldigende aantal websites. Maar ook de financiële crisis in 2008, het nieuws over massale belastingontduiking door bedrijven en allerlei andere schandalen (financieel, maar ook met data), hebben het algemene vertrouwen van mensen in gevestigde merken en bedrijven beschadigd.

Mediabedrijven zijn zelf natuurlijk ook niet vrij van blaam in dit verhaal. De veranderingen die de digitalisering teweegbrengen, maken dat er vaker fouten gemaakt worden. Grote fouten in berichtgeving die onrust kunnen veroorzaken in de maatschappij en kleinere fouten die snel worden opgepikt en verspreid via sociale media. Tel daarbij de politieke figuren en bewegingen die in veel landen de pers tot nationale vijand proberen te maken en het is niet verwonderlijk dat er een negatief klimaat ontstaat.

Wat kunnen we doen?

IPSOS ziet op basis van het onderzoek geen wereldwijde vertrouwenscrisis in media. Ook niet in de gevestigde westerse markten. Mensen consumeren meer media dan ooit, op meer kanalen dan ooit en hun rol in de maatschappij is nauwelijks verminderd. Er ligt wel een grote uitdaging voor mediamerken en -bedrijven om zo transparant mogelijk te zijn, bijvoorbeeld over de werking van algoritmes en businessmodellen, zodat ze het vertrouwen van hun publiek kunnen behouden.

Bron: In media we trust? IPSOS

Gerelateerde artikels: